Logo

ZwemConsult

e-zwemles Online Zwemschool

Voortbewegen in het water

Naast de zwemslagen passen we meerdere vormen van voortbewegen toe. De eerste is het voorovervallen vanuit stand in ondiep water. Ga terug (...)

Naast de zwemslagen die hierna worden uitgelegd passen we meerdere voortbewegingsvormen toe tijdens de lessen. De eerste is het voorovervallen vanuit stand in ondiep water. Hierbij ligt de nadruk op het volledig vrij en zonder schroom voorover durven vallen waarbij het gezicht in het water komt. Dezelfde beweging wordt vervolgens ook achterover aangeleerd waarbij de oren in het water moeten komen. Natuurlijk ontstaan dan spatten die in de ogen komen en dat is ook de bedoeling.
Zodra het voorover en achterover vallen wordt beheerst voegen we er een afzet aan toe. Omdat het drijven al enigszins wordt beheerst is het mogelijk een stukje door te drijven. Ook hierbij gaan we de vijf-tellenregel toepassen. Dus, afzetten, vijf tellen uitdrijven, hurkrol maken en gaan staan, weer afzetten enz. De eerste lessen zal uw kind armvleugeltjes om de bovenarmen dragen. Met het doel uw kind niet te laten wennen aan het veilige gevoel van die armvleugeltjes gaan we bewust met andere flexibeam plaatjematerialen werken zoals een plankje en een flexibeam. Het voorover vallen zonder armvleugeltjes met een slechts een hulpmiddel in de handen is de volgende stap in de watergewenning. Na enkele malen oefenen dienen de armen gestrekt te blijven tijdens het voorover vallen en uitdrijven waardoor meer voorwaartse snelheid ontstaat. Uw kind zal dit spelletje snel aanvoelen.
Vervolgens wordt dit ook op de rug geoefend. Aanvankelijk zal de plank of flexibeam achter het hoofd worden gehouden. Maar ook hierbij zal na enige gewenning het hulpmiddel boven het hoofd worden geplaatst waardoor de oren in het water plonzen, conform oefeningen bij de zwembeweging dolfijnenbehendigheidsvormen. De derde fase omvat de afzet met vijf tellen uitdrijven zonder hulpmiddelen. Daar uw kind al begrijpt dat de adem moet worden ingehouden zal het uitdrijven geen problemen opleveren.
Zodra deze beweging wordt beheerst voegen we de dolfijnbeweging toe. Vanuit stand in ondiep water volgt een afzet voorwaarts en volgt een uitdrijffase onder water. Dit kunnen we ook voorover duiken noemen. Tenslotte voegen we hieraan de behendigheidsvormen toe zoals de hurkrol en schroefbeweging. Deze elementen vormen het begin van ieder zwemles en hebben het doel om op gang te komen met het hoge bewegingsritme.

Ga terug naar de homepage van ZwemConsult Ga terug naar de homepage van e-zwemles Ga naar de bovenzijde van deze pagina Ga naar borstcrawl Start e-zwemles

update: 11-09-2017