Logo

ZwemConsult

e-zwemles Online Zwemschool

Regelgeving in zwembaden

Over de regelgeving in openbare zwembaden ontstaat in de praktijk regelmatig discussie tussen de bezoeker en de toezichthouder van de exploitant. Ga terug (...)
Onbekendheid met de zwembadwet ligt hieraan ten grondslag. Die zwembadwet beschrijft zeer nauwkeurig hoe het toezicht moet worden georganiseerd. Bij de entree van het zwembad ziet u meestal een aantal certificaten op een bord of achter een ruit hangen. Een belangrijke is het certificaat “Keurmerk Veilig en Schoon”. Een onafhankelijk instituut is belast met de controle op de juiste handhaving van regelgeving betreffende de veiligheid en hygiëne in de openbare zwembaden. Een zwembad met dit keurmerk hanteert strikte regels die hierna worden toegelicht.
Het aantal toezichthouders hangt samen met het aantal bassins, de waterdiepten en de aanwezigheid van speelobjecten zoals duikplanken en glijbanen. Het management van het zwembad moet een toezichtplan opstellen voor de accommodatie en structureel doorvoeren door vakbekwaam personeel met een taakstelling in te zetten. Op grond van deze taakstelling beschikken de toezichthouders van het zwembad over ruime bevoegdheden voor het handhaven van de orde en veiligheid. Hierover ontstaan wel eens misverstanden. Een verzoek van een toezichthouder is niet vrijblijvend en staat zeker niet ter discussie. U dient zich altijd aan hun opdrachten te houden. En hier wringt soms de schoen. In de zwembadwet staat dat het de diepe bassins met een waterdiepte van 140 centimeter of meer alleen toegankelijk zijn voor voldoende bekwame zwemmers. Deze omschrijving is enigszins vaag omschreven om tegemoet te komen aan volwassen zwemmers zonder diploma. Het bezit van een zwemdiploma is niet verplicht volgens de wet maar wordt door het management meestal toegevoegd als eis in het toezichtplan. In toenemende mate leggen de zwembadexploitanten uniforme regionale regelgeving vast wat weer overstijgende verplichtingen schept. Op hoofdlijnen staat in deze regels dat de toezichthouder beslissingsbevoegd is om het vereiste zwemniveau vast te stellen dat benodigd is voor het diepere bassin. Een volwassene die goed kan zwemmen zonder zwemdiploma zal op basis van het zelfbeschikkingsrecht soms toestemming krijgen. Minderjarige kinderen zijn echter wilsonbekwaam op grond waarvan slechts bij uitzondering toestemming wordt verkregen voor het zwemmen in het diepe.
Bij het geven van zwemles is het diepe bassin dus alleen beschikbaar in overleg met de toezichthouder die op grond van zijn taakstelling niet snel zal instemmen. Uit ervaring sprekend zal alleen instemming worden verkregen op zeer rustige of speciale momenten waarbij het leskind een bekende moet zijn van de betreffende toezichthouder.
Een tweede belangrijk certificaat is het logo van de NPZ-NRZ. Deze licentie wordt uitgereikt aan zwembaden die over aantoonbare vakbekwaamheid beschikken om zwemopleidingen en examinering te verzorgen voor het Zwem-ABC. De eisen voor het Zwem-ABC kunt u vinden op de downloadpagina van deze site. De vakbekwaamheid van de organisatie en de instructeurs wordt op meerdere wijzen getoetst. De instructeurs dienen te beschikken over de nodige vakdiploma’s. Daarnaast beschikken vele zwembaden over een lesplan waarin staat beschreven hoe het zwemonderwijs wordt georganiseerd. De NPZ-NRZ verstrekt de goedkeuring als de benodigde deskundigheid voldoende kan worden aangetoond. Dit wordt ook regelmatig op actualiteit getoetst door een inspecteur.
Het afnemen van de zwemexamens wordt verzorgd door het zwembad maar afgenomen door benoemde en bevoegde examinatoren. Veel zwemonderwijzers zijn ook gelicentieerd examinator. Bij het examen ziet u dus vaak een zweminstructeur van het betreffende zwembad terug in die functie. Het goed vervullen van deze examinatorfunctie en de bijbehorende organisatie van het zwemexamen door het zwembad wordt gecontroleerd door een gedelegeerde van de NPZ-NRZ. Voorafgaand aan het echte examen organiseert het zwembadteam vaak proefzwemmen als onderdeel van de zwemles. Het doel hiervan is het vereiste zwemniveau voor de examenonderdelen te controleren zodat de kans op doubleren tijdens het echte examen minimaal wordt. Bij twijfel zal de instructeur vaak een collega vragen om een oordeel. Net als bij de regelgeving rond het toezicht ontstaat ook hierbij regelmatig discussie tussen de ouders en de instructeurs. Realiseer dat de instructeurs tijdens het proefzwemmen naar de leskinderen kijken door de bril van hun bevoegdheid van de examinator. Het vereiste niveau is van bovenaf vastgelegd en kan niet via de instructeur worden beïnvloed. U kunt het geheel vergelijken met de Cito-toets op de basisschool.
Samenvattend is het dus niet zonder meer toegestaan om uw kind zwemles te geven in het diepere water van een openbaar zwembad. Overleg vooraf is altijd noodzakelijk.

Ga terug naar de homepage van e-zwemles Ga terug naar Kies het juiste zwemwater voor e-zwemles Ga naar de bovenzijde van deze pagina Ga naar Zwemlesverbod in zwembaden Start e-zwemles

update: 11-09-2017